Informatie Corona termijnverlengingen duitsland

De actuele Corona-maatregelingen worden aangevuld met verschillende termijnverlengingen ten aanzien van het indienen van fiscale aangiftes, renteberekening en publicatie. Onderstaand willen wij U informeren over de verschillende voor dit jaar afwijkende termijnen in Duitsland.

  • Datum voor het indienen van belastingaangiften “Körperschaftsteuer, Kapitalertragsteuer, Gewerbesteuer en Umsatzsteuer” over 2019, indien deze door een belastingadviseur wordt voorbereid, is 31 augustus 2021 i.p.v. 28 februari 2021. De aangiften moet dus voor deze datum ingediend zijn.
  • Voor nog te betalen belastingen met betrekking tot het jaar 2019 berekend de belastingdienst vanaf 1 oktober 2021 rente in plaats vanaf 1 april 2021. Het percentage zowel voor te betalen bedragen als ook voor te ontvangen bedragen is 6%.
  • Voor de publicatie is de verlengde termijn al verstreken. De jaarcijfers per 31 december 2019 moeten voor 31 december 2020 gepubliceerd zijn. Boetes hiervoor worden eerst vanaf 06 april 2021 weer berekend. De publicatie van de cijfers over 2020 is vooralsnog ongewijzigd en moeten gepubliceerd worden voor 31 december 2021.

Daarnaast berekent de belastingdienst geen boete indien de jaaraangiftes voor 2019 voor 31 augustus 2021 ingediend worden.

Mocht U vragen hebben over de mogelijkheden voor uw onderneming kunt u altijd contact met ons opnemen. Wij spreken Nederlands en Duits wat de communicatie gemakkelijk maakt.

Informatie i.v.m. afschrijving van hardware en software

Vanaf 2021 zijn de regelingen i.v.m. afschrijvingen voor computers in Duitsland aangepast worden. In het BMF schrijven van het Bundesfinanzministerium (BMF, 26.2.2021, IV C 3 – S 2190/21/10002 :013) is aangegeven, dat op grond van de technische vooruitgang computers en software welke na 1 januari 2021 gekocht zijn binnen één jaar afgeschreven kunnen worden. In dit genoemde BMF schrijven wordt aangegeven welke apparatuur/ software onder deze regeling gaan vallen. Genoemd worden onder andere computers, input-apparatuur (b.v. keyboard, scanner…), externe geheugenopslag, output-apparatuur (b.v. printer, beeldscherm, luidspreker…) maar ook software.

Ook activa, aangeschaft in de periode tot en met 2020, waarover al is afgeschreven in 2020 op basis van de oude afschrijvingsregels kunnen in 2021 volledig worden afgeschreven.

Wij vernemen graag of en hoe wij u kunnen ondersteunen. Neemt u voor meer informatie contact met ons op.

Informatie i.v.m. afstandsverkoop

 

Geldt voor u het volgende?

  • U levert goederen aan een klant in een ander EU-land en deze klant doet geen btw-aangifte.
  • U vervoert de goederen zelf naar dat land of u laat de goederen daar naartoe vervoeren.
  • En u verkoopt in 1 jaar meer dan het drempelbedrag van het EU-land waar de goederen naartoe gaan.

Dan zijn dit afstandsverkopen. U gebruikt dan het btw-percentage dat geldt in het EU-land van levering.

Tot nu toe heeft ieder land binnen de EU zijn eigen drempelbedrag vastgelegd. Vanaf 1 januari 2021 zou dit gewijzigd worden. Op grond van de Corona-crisis en de onvolledige technische implementatie is deze termijn vooralsnog tot 1 juli 2021 uitgesteld. De EU-landen zijn overeengekomen het drempelbedrag op 10.000 € te bepalen. Dus zodra leveringen boven 10.000 € aan particulieren in een land uitgevoerd worden moet u buitenlandse btw in rekening brengen. Deze bedrag is lager dan de oude drempelbedragen zodat in toekomst van deze regeling meer ondernemers betrokken zijn.

Maar er is ook een goede bericht: Door de one stop shop (OSS)-regeling kunt U in toekomst via de Nederlandse belastingdienst de btw voor andere EU-landen melden en betalen. Waarschijnlijk vanaf juli 2021 hoeft dan geen belastingnummer in andere landen aangevraagd te worden en de moeilijke opgave van aangiftes in het buitenland valt weg. Wanneer de OSS-regeling op 1 juli 2021 ingaat en de portal is in Nederland nog niet operationeel registreert U alsnog uw onderneming voor de btw in alle EU-landen waar uw klanten wonen. Er dient dan lokaal btw-aangifte gedaan te worden.

Bij de overstap na de OSS-regeling in Nederland kan Nuijten Accountants, een accountant-kantoor in Den Haag met welke wij samenwerken, behulpzaam zijn.

Überprüfung USt-ID-Nummern

Haben Sie auch mit innergemeinschaftlichen Lieferungen zu tun? Dann sollten Sie auch die Prüfung der USt-ID-Nummer bedenken.

Ab dem 1.Januar 2020 muss beim Vorliegen einer innergemeinschaftlichen Lieferung die Gültigkeit der USt-ID-Nummer des Abnehmers geprüft, erfasst und auf den Rechnungen ausgewiesen werden.

Die EU-Kommission hat bereits 2016 einen Aktionsplan beschlossen, welcher zu einem einfacheren und weniger missbrauchsanfälligen Mehrwertsteuersystem in der EU führen und die Mehrwertsteuer zudem an die Anforderungen der Globalisierung und Digitalisierung anpassen soll. Um erste Anpassungen zu erreichen traten am 1. Januar 2020 die sogenannten Quick fixes in Kraft.

Die Steuerbefreiung für innergemeinschaftliche Lieferungen unterliegt seit dem 1. Januar 2020 verschärften Voraussetzungen. Bis Ende 2019 reichte es aus, wenn der Verkäufer zeigen konnte, dass die Waren an einen Unternehmer geliefert wurden und den Ursprungsmitgliedsstaat verlassen haben.

Die materiellen Voraussetzungen für die Steuerbefreiung dieser Lieferungen umfassen nun auch das Vorliegen einer gültigen USt-ID-Nummer des Abnehmers. In der Praxis müssen Unternehmer nun die USt-ID-Nummern aller Abnehmer in ihrem System erfassen und auf den Rechnungen ausweisen. Des Weiteren muss sichergestellt werden, dass Zusammenfassende Meldungen für diese Lieferungen korrekt erfasst werden.

Es ist daher wichtig die USt-ID-Nummern in regelmäßigen Abständen, zum Beispiel jährlich, zu kontrollieren. Hierfür sieht die EU das MIAS-System (MwSt-Informationsaustauschsystem) vor. Dies ist eine Plattform, die auf die Datenbanken der einzelnen Mitgliedsstaaten zugreift. Hier sollte der Unternehmer bei dem ersten Erhalt einer USt-ID-Nummer eines neuen Abnehmers zusätzlich zur Gültigkeit auch überprüfen, ob die angegebene Nummer zu Namen und Anschrift des Abnehmers passt. Bei den folgenden periodisch wiederkehrenden Kontrollen reicht dann eine Abfrage der Gültigkeit. Die Kontrollen sollten, zum Beispiel durch Speichern des angezeigten Ergebnisses, dokumentiert werden. Sofern keine gültige Umsatzsteuer-ID des Erwerbenden vorliegt, wird die innergemeinschaftliche Lieferung sofort steuerpflichtig. Bisher war es noch so, dass lediglich Geldstrafen fällig werden, wenn die Regelung nicht beachtet wird.

Sollte es hierzu Fragen geben würden wir uns freuen, Sie hierbei unterstützen zu können.

Fristen

Das Jahresende nähert sich und damit auch verschiedene Fristen zum Thema Steuern und Finanzen. Daher möchten wir gerne an die Fristen bei den Steuern erinnern.

Die Erklärungen zur Einkommensteuer, zur Körperschaftsteuer, zur Gewerbesteuer und zur Umsatzsteuer sind bis zum 31.7. des Folgejahres abzugeben. Ist ein Steuerberater mit der Erstellung der Steuererklärungen beauftragt verlängert sich die Frist bis Ende Februar des darauffolgenden Jahres, also für 2019 zum 28.02.2021. In jedem Fall sollte man aufpassen diese Fristen nicht zu überschreiten. Denn für jeden angefangenen Monat, den die Steuererklärung zu spät ankommt, fällt ein Verspätungszuschlag an. Die Strafe kann sich auf bis zu 25.000 Euro summieren. Der Zuschlag liegt nicht mehr im Ermessen des einzelnen Bearbeiters im Finanzamt, sondern wird automatisch festgesetzt.

Der Jahresabschluss 2019 einer Kapitalgesellschaft muss bis zum 31. Dezember 2020 offengelegt bzw. hinterlegt werden. Auch hier gibt es bei einer Verspätung Geldstrafen, die sich auf bis zu 25.000 € erhöhen können.

Subsidie i.v.m. sluitingen van ondernemingen in november 2020

Voor ondernemingen die te maken hebben met de nieuwe corona maatregelen (sluitingen) in november 2020 heeft de Duitse regering een verdere subsidie besloten.

Indien u vanwege de maatregelen uw onderneming moet sluiten of als u tenminste 80 procent van uw omzetten behaald bij bedrijven die door de verplichte sluiting getroffen zijn kunt u maximaal een subsidie krijgen van 75 procent van de omzet uit november 2019.

Reeds aangevraagde tegemoetkomingen voor deze periode zoals “Überbrückungshilfe” of betalingen voor arbeidstijdverkorting worden hiermee verrekend. Ook verkopen welke ondanks de sluiting worden behaald moeten – als deze meer dan 25 procent van de omzet over november 2019 is – aangegeven en verrekend worden.

De aanvraag moet zoals bij de voorgaande subsidies door een accountant of bevoegd kantoor ingediend worden.

Conjunctuurpakket – subsidie / arbeidstijdverkorting

Subsidie

Er is een nieuwe subsidieperiode bekend gemaakt. Vermoedelijk vanaf medio oktober kan een aansluitende subsidie voor de maanden september tot en met december 2020 aangevraagd worden. De procedure zal niet veranderen, zodat ook deze aanvraag door een accountant of bevoegd kantoor ingediend moet worden.

De voorwaarden voor de aansluitende subsidie zijn als volgt vastgesteld:

  • Bevoegd de subsidie aan te vragen zijn de ondernemingen die een omzetdaling van 50% in twee volgende maanden tussen april en augustus 2020 ten opzichte van de overeenkomstige maanden in 2019 hadden. Daarnaast kunnen ondernemingen de subsidie aanvragen welke gemiddeld een omzetdaling van minstens 30% in de maanden april tot en met augustus 2020 ten opzichte van dezelfde tijdvak in het voorjaar hadden.
  • Indien dit bij uw onderneming van toepassing is kunnen afhankelijk van deze omzetdaling delen van de vaste kosten gesubsidieerd worden. U moet denken onder ander aan de volgende kosten: huur (voor kantoor, maar ook voor auto’s en technische installaties), rente voor bedrijfsleningen, kosten voor onderhoud van activa, kosten voor gas, water, elektra en hygiëne, licentiekosten, verzekeringen, telefoon-/internetkosten, administratie, contributies en de kosten voor de aanvraag van de subsidie (geschat). De tarieven zijn nu ten opzichte van de subsidie van de afgelopen maanden iets verhoogd, zodat afhankelijk van de omzetdaling tot 90% van de aan te geven kosten vergoed kunnen worden. Personeelskosten worden met 20% van de voorgenoemde kosten berekend.

Arbeidstijdverkorting (Kurzarbeit)

Voor ondernemingen die door de corona crises getroffen zijn bestaat de mogelijkheid arbeidstijdverkorting aan te vragen. De regeling houdt in dat vanaf de 7de maand werknemers zonder kinderen 80 % van hun loon doorbetaald krijgen en werknemers met kinderen 87%. In september 2020 is besloten dat de uitkering van deze regeling tot 31 december 2021 verlengd wordt. De volledige vergoeding van de sociale lasten wordt tot en met 30 juni 2021 verlengd. Vanaf 1 juli 2021 wordt 50% van de sociale lasten vergoed en als de werknemer aan bepaalde kwalificaties voldoet kan dit ook 100% zijn.

Verdergaande informatie vindt u hier.

Conjunctuurpakket – subsidie voor ondernemingen

De nieuwe ondersteuningsmaatregelen voor ondernemingen i.v.m. corona-crisis voor de maanden juni tot en met augustus 2020 kunnen aangevraagd worden. Deze faciliteiten bestaan uit subsidies tot maximaal 50.000 € per maand welke onder bepaalde voorwaarden niet terugbetaald hoeven worden.

Voorwaarde voor het verkrijgen van deze subsidie is een omzetdaling van 60% voor de maanden april en mei 2020 ten opzichte van april en mei 2019. Indien dit bij uw onderneming van toepassing is kunnen afhankelijk van deze omzetdaling delen van de vaste kosten gesubsidieerd worden. U moet denken onder ander aan de volgende kosten: huur (voor kantoor, maar ook voor auto’s en techniek), rente voor bedrijfsleningen, kosten voor onderhoud van activa, kosten voor gas, water, elektra en hygiëne, licentiekosten, verzekeringen, telefoon-/internetkosten, administratie, contributies en de kosten voor de aanvraag van de subsidie (geschat). Personeelskosten worden met 10% van de voorgenoemde kosten berekend.

Voor welke deel van de kosten u een tegemoetkoming kunt aanvragen vindt u hier.

Overigens is in de procedure opgenomen dat de aanvraag alleen door bevoegde kantoren mag worden ingediend. Deze adviseur moet zich hiervoor registreren en de omzetdalingen en de vaste kosten bevestigen. In samenwerking met uw accountant of een accountant uit ons netwerk kunnen wij behulpzaam zijn met het inzichtelijk maken van en het voldoen aan de administratieve voorwaarden.

Een detailleerde toelichting van deze regeling van het Duitse ministerie van financiën kunt u hier vinden.

Toepassing belastingverdrag met Duitsland

Wegens de coronacrisis hebben Nederland en Duitsland overlegd over de interpretatie en toepassing van artikel 14 (inkomen uit arbeid) van het belastingverdrag tussen beide landen.

Thuiswerken
Als grensarbeiders door de coronamaatregelen thuis moeten werken zal de belastingplicht niet verschuiven, mits de grensarbeider zijn salaris krijgt doorbetaald. Grensarbeiders moeten een administratie bijhouden van hun thuiswerkdagen en met een schriftelijke bevestiging van hun werkgever kunnen onderbouwen dat de thuiswerkdagen uitsluitend het gevolg waren van de coronamaatregelen. Grensarbeiders mogen ook kiezen deze toepassing van het verdragsartikel niet toe te passen.

Voor grensarbeiders die altijd al een of enkele dagen thuis werken geldt de goedkeuring niet.

Thuiszitten
De verhouding “dagen gewerkt in de werkstaat/totaal aantal dagen gewerkt” wijzigt niet als de grensarbeider zonder te werken thuis zit door de coronamaatregelen. Ook nu geldt dat de grensarbeider zijn salaris doorbetaald moet krijgen.

Duitse uitkering
Nederland heeft besloten zogenoemd ‘Kurzarbeitergeld’, ‘Insolvenz-geld’ of ‘Arbeitslosengeld’ dat een inwoner van Nederland die normaal in Duitsland werkt, ontvangt door de coronacrisis, vrij te stellen.

Looptijd
De afspraken gelden vanaf 11 maart 2020 tot en met 30 april 2020 en worden daarna automatisch met een maand verlengd, totdat Nederland of Duitsland deze beëindigt. De afspraak over de dagenverhouding bij thuiszitters kent geen vervaldatum, want is een interpretatie van de toepassing van het belastingverdrag.

Bron: mededeling staatssecretaris van Financiën 10-4-2020, Stcrt. 2020, 21381; Belastingdienst

Arbeitnehmerentsendung in die Niederlande / A1 Bescheinigung

Denken Sie als Unternehmer auch an die A1 Bescheinigung, wenn Sie Mitarbeiter für ein Projekt oder einen Auftrag ins EU-Ausland versenden. Bei einer Entsendung muss der entsandte Mitarbeiter nachweisen, dass er in Deutschland bereits sozialversichert ist. Auch bei kurzen Arbeitnehmerentsendungen im EU-Ausland ist die A1 Bescheinigung erforderlich. Verschiedene Stellen sind in Deutschland für die Prüfung, ob während einer Entsendung in einem anderen Mitgliedsstaat weiterhin die deutschen Rechtsvorschriften gelten, zuständig. Die gesetzliche Krankenkasse ist für die Prüfung der Mitarbeiter zuständig, die bei der gesetzlichen Krankenkasse versichert sind. Seit dem 1. Juli 2019 sind die Anträge auf Ausstellung der A1 Bescheinigung elektronisch vorzunehmen.

Ab dem 01. März  2020 müssen Mitarbeiter, die in die Niederlande entsandt werden, auch über das digitale Meldesystem in den Niederlanden gemeldet werden.

Von dieser Meldepflicht in den Niederlanden gibt es für die gelegentliche Tätigkeiten Ausnahmen. Nähere Informationen zum Meldeverfahren finden Sie auf der nachfolgenden Homepage https://deutsch.postedworkers.nl/ . Über diese Seite erfolgt dann auch die digitale Meldung.